Letterlijk betekent “Franche-Comté” “vrij graafschap”. Tot het in 1678 afgesloten Verdrag van Nijmegen en tot de verovering door Lodewijk XIV was de Franche-Comté een vrije zone, onder toezicht van het Germaanse Heilige Romeinse Rijk.  |
In datzelfde jaar vervangt Besançon Dole als hoofdstad, met het overbrengen van de universiteit, het militaire gouvernement en het Parlement. Vauban omringt de stad met stadsmuren en bouwt de Citadel. De Franche-Comté, die lange tijd in departementen was verdeeld, wiste haar pijnlijke integratie bij het koninkrijk uit door zich bij de Franse natie aan te sluiten. In dezelfde tijd verschijnen namen en voorwerpen die enkele tientallen jaren later de economie en de geschiedenis van het land in beroering brengen: Rouget de Lisle, Claude Nicolas Ledoux, Peugeot en de klokkenindustrie. In 1790 echter verdwijnt de provincie Franche-Comté ten bate van drie departementen: de Doubs, de Jura en de Haute-Saône. In 1793 wordt het prinsdom Montbéliard aan de Doubs toegevoegd en na de oorlog van 1870-1871 worden een honderdtal gemeenten afgescheiden van de Haut-Rhin, dat door Pruisen geannexeerd is, om aldus het Territoire van Belfort te vormen. Door de wet van 5 juli 1972, waarbij de regio’s gevormd werden, wordt de vroegere provincie Franche-Comté weer werkelijkheid. Heden ten dage telt ze ongeveer 1,1 miljoen inwoners. De regio Franche-Comté heeft trouwens heel wat belangrijke personen voortgebracht. Een korte opsomming: Victor Hugo (26 februari 1802 – 22 mei 1885) is in Besançon aan de voet van de Citadel geboren, als zoon van een generaal van het Empire. Zijn zeer rijk werk heeft de Franse letterkunde beïnvloed. Victor Hugo, dichter en romancier begeeft zich eveneens in de politiek en wordt Député (Kamerlid) in 1848. Een vereerd en officieel persoon; zijn as is na zijn dood naar het Pantheon overgebracht.
In 1862 schreef hij "Les Misérables", het bekende boek waar in de jaren '90 de beroemde musical op werd gebaseerd. Georges Cuvier (23 augustus 1769 – 13 mei 1832) is geboren in Montbéliard en wordt beschouwd als een van de tien grootste wetenschappers aller tijden. Hij had een schitterende carrière als wetenschapper en wordt tegenwoordig beschouwd als de vader van de paleontologie (de studie van fossielen). Dankzij zijn veelvuldig onderzoek dat de Vergelijkende Anatomie heeft gedefinieerd, heeft deze grote geleerde uit Montbéliard de betrekkelijke leeftijd van de fossielen bepaald om de vier belangrijke geologische perioden te identificeren, hetgeen een omwenteling in de wereld teweeg heeft gebracht.
Zijn belangrijkste werk is "Règne Animal distribué d'après son Organisation pour servir de base à l'Histoire Naturelle des Animaux et d'Introduction à l'Anatomie Comparée": een systematische behandeling van heel het toen bekende dierenrijk, uit 1817. Cuvier verzorgde zelf een groot deel van de illustraties, want hij was ook een niet onverdienstelijk tekenaar. Louis Pasteur (27 december 1822 - 28 september 1895) is geboren in Dole (Jura). Zijn uitzonderlijke ontdekkingen op het gebied van de microbiologie en inentingen zijn de oorsprong van de doorslaggevende vooruitgang voor de mensheid. Hij was lid van de Académie Française en stichter van het instituut dat zijn naam draagt.
Hij werd vooral bekend vanwege de naar hem vernoemde pasteurisatietechniek en door zijn ontdekking van het vaccin tegen hondsdolheid. Etienne Oehmichen (15 oktober 1884 - 10 juli 1955) ontdekt zijn roeping als zijn oom hem zijn eerste vlucht in een luchtballon op de jaarbeurs van Lyon aanbiedt. Hij formuleert zijn doel met de volgende woorden: "Als ik groot ben maak ik een machine die zo maar recht de lucht ingaat". Op 13-jarige leeftijd komt hij in de omgeving van Montbéliard wonen en verblijft een dertigtal jaren in Valentigney waar hij de eerste proeven doet. Etienne Oehmichen, financieel gesteund door de firma Peugeot waar hij als electrotechnisch ingenieur werkt, stijgt op in 1929, in een eerste toestel met een draaiend zeildoek, een minuut lang en op 10 meter hoogte… het eerste verticale opstijgen van een toestel! Dan, na verscheidene andere pogingen, slaagt Etienne Oehmichen, die koppig volhoudt, erin op 24 mei 1924 in Arbouans, een proefvlucht te maken aan boord van een tweede toestel: een rondje van een kilometer tussen een en drie meter hoogte. In 1935 vliegt hij voor de eerste keer met een volkomen veilig toestel dat zich op 20 meter boven de grond handhaaft in perfect evenwicht. De historische vlucht duurde 7 minuten en 40 seconden. Etienne Oehmicheon overlijdt in 1955 en rust voortaan op het terrein van zijn eerste proefvluchten in Arbouans. Deze uitvinder uit de omgeving van Montbéliard legt eveneens de basis van het principe van de dynamo, van de starter van de auto en van de verbetering van de eerste Franse tank. Claude Jouffroy d’Abbans (1751 - 1832), afkomstig uit Abbans-Dessus (Doubs) was al op zeer jonge leeftijd gefascineerd door mechanica. Helaas kon hij geen uiting geven aan zijn passie aangezien zijn ouders hem verplichtten tot een militaire loopbaan. In 1771 leidt een rivaliteit met zijn superieur, de Graaf van Artois, hem naar het Fort Sainte-Marguerite waar hem een cel wordt toegewezen die uitziet op de rede, daar waar de grote schepen van de koninklijke marine rondvaren. Bij het zien van dit tafereel komt het idee in hem op een machine te bouwen die de armen van de roeiers – en waarom niet de zeilen - kan vervangen. Tijdens zijn tweejarig gevangenschap ontwerpt hij de eerste stoomboot. In 1783 slaagt hij er in de rivier de Saône gedurende een kwartier stroomopwaarts te bevaren. Hilaire Chardonnet (1839-1924) werd geboren in Besançon en vindt in 1884 de kunstzijde uit. Ondanks de moeilijkheden die hij ondervindt bij het uitwerken van zijn procedé, sticht hij in 1891 in Besançon een fabriek die kunstzijde fabriceert. Chardonnet, die in 1919 wordt verkozen als lid van de Academie der Wetenschappen, wordt beschouwd als de createur van kunststoffen, een soort textiel dat tegenwoordig een belangrijke plaats inneemt op de economische wereldmarkt. Zijn geboortehuis bevindt zich op n° 2, Place Cornet in Besançon. Jules Rimet (14 oktober 1873 - 15 oktober 1956) is de uitvinder van de wereldcup voetbal, waarvan het eerste doelpunt gemaakt werd door een speler uit de Franche-Comté! Jules Rimet werd geboren in 1873 in Theuleyles-Lavoncourt (Haute-Saône). Maar hij is niet de enige in de Franche-Comté die bekend is in het voetbal milieu… om alleen maar Jacques Santini en Michel Vautrot te noemen! Hij was voorzitter van de FFF (de Franse voetbalbond) van 1919 tot 1945 en van de FIFA van 1921 tot 1954. Rimet was de initiator van het eerste WK voetbal in 1930. In 1897 richtte hij de Parijse voetbalclub Red Star op, die thans nog bestaat als amateurclub. In de Eerste Wereldoorlog kreeg hij als luitenant in de infanterie het Croix de Guerre. Na deze oorlog, in 1919, werd hij eerste voorzitter van de nieuw opgerichte FFF. Hij moest dit voorzitterschap verlaten in 1949 toen hij Saarbrücken wilde opnemen in de competitie, wat door betrokken clubs niet werd gewaardeerd. In 1946 werd de bestaande wisseltrofee voor het WK voetbal naar hem genoemd: Coupe Jules Rimet.
De Coupe Jules Rimet was de eerste trofee, uit 1930, voor de winnaar van het toernooi. Oorspronkelijk werd de beker ook genoemd Wereldbeker of Coupe du Monde. De beker is ontworpen door Abel Lafleur en gemaakt van zilver, met goud bekleed, op een achthoekige basis van de edelsteen lapis lazuli (donkerblauw met goudkleurige aders). De beker was 35 cm hoog en woog 3,8 kg. De beker zelf is tienzijdig, gedragen door een gevleugeld persoon die Nike voorstelde, de Griekse godin van de overwinning.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de beker bewaard door de Italiaan Ottorino Barassi, vice-president van de FIFA. Hij had de beker verborgen in een schoenendoos onder zijn bed.
Vlak voor het WK in Engeland, 1966, werd de beker gestolen uit een tentoonstelling in Westminster Central Hall. Zeven dagen later werd hij teruggevonden, gewikkeld in kranten aan de voet van een boom door een hond in Norwood, Zuid-Londen.
Daarna liet de FIFA een replica maken, die het origineel verving na de officiële uitreiking. In 1997 werd de replica verkocht voor $425.015,-.
Brazilië won deze beker voor de derde keer in 1970 en mocht de trofee daarom houden. Maar in 1983 werd de beker opnieuw gestolen in Rio de Janeiro. De beker is nooit meer teruggevonden en waarschijnlijk omgesmolten. De Braziliaanse voetbalbond heeft voor zichzelf een replica laten maken.
De opvolger van de Coupe Jules Rimet is, sinds 1974, de FIFA Wereldbeker (FIFA World Cup). De familie Peugeot, waarvan de rechtstreekse afstammelingen heden ten dage belangrijke verantwoordelijkheden hebben aan het hoofd van de groep PSA Peugeot Citroën, heeft in de regio van de Franche-Comté altijd een ambachtelijke activiteit op het platteland gehad. Reeds in de XVe eeuw vinden we "Peugeots" gevestigd in Vandoncourt, een dorpje in de omgeving van Montbéliard, in de Doubs. Hun nakomelingen, eerst landbouwers, zijn achtereenvolgens vaklieden, militairen en wevers geworden en bekleedden dikwijls de rol van notabelen. In 1734 wordt Jean-Pierre geboren, de grondlegger van de industriële tak. Maar alles begint pas écht in de kleine gemeente van Hérimoncourt, in de Doubs, op de molen van de Peugeots in het gehucht Sous-Cratet. In 1812 al krijgen Jean-Frédéric en Jean-Pierre Peugeot toestemming van de Prefect van de Doubs om hun molen te veranderen in een fabriek die gewalst staal voor zaagbladen en klokkeveren vervaardigt, evenals gepolijst cylinder ijzer. Ze stichten hun eerste bedrijf: "De gebroeders Peugeot". In 1818 wordt het eerste brevet gedeponeerd voor de vervaardiging van zagen, een activiteit die een nieuw tijdperk opent, met name van de fabricatie van gereedschap. Vanaf 1840 maakt de Peugeot koffiemolen zijn entree in de keukens en baant de weg voor een hele reeks huishoudelijke apparaten: strijkijzer, hakmachine, naaimachine, wasmachine…de beroemde pepermolen, die nog altijd gebruikt wordt, inbegrepen. Aldus begint het geweldige avontuur van de familie Peugeot en volgt er een reeks belangrijke data in de geschiedenis van de dynastie: 1867: het verschijnen van het merk "de Leeuw van Peugeot" op gereedschap 1886: de eerste fiets, de "Grand Bi" (met het grote wiel) 1889: de eerste stoomgedreven driewieler, die op de wereldtentoonstelling in Parijs door Armand Peugeot (1849-1915) gepresenteerd wordt 1913: begin van de fabriek "Sochaux-Montbéliard" 1976: toenadering tussen Peugeot en Citroën; een fabuleuse geschiedenis die in het "Musee de l’Aventure Peugeot" in Sochaux te ontdekken is. André Citroën is de oprichter van de Citroën-tak van de PSA-groep.
|